|
|
Historie De
oprichting
FC Perkouw is in de kroeg geboren, maar dat zal niemand verbazen. Toen iemand
opmerkte dat er niet zoveel voor de jeugd was in Berkenwoude, begon men te
denken aan het oprichten van een voetbalclub.
Piet Toes, Ton de Redelijkheid, Geen Berkouwer, Jitse Boersma, Wichert Molenaar
en Leo Cirk besloten eerst met een enquête de meningen in het dorp te peilen.
Daaruit bleek dat men veel voelde voor het idee. Dat was dus geregeld. Op
woensdagavond 23 augustus 1972 om 20 uur was het zover. De eigenaar van 't
Voormalig Regthuis aan de Dorpsstraat had z'n deuren opengedaan voor iedereen
die de oprichtingsvergadering van een plaatselijke voetbalclub wilde bijwonen.
De opkomst viel weliswaar een tikje tegen, maar de al zo lang sluimerende
plannen werden die avond wel werkelijkheid. Zesendertig aanwezigen gaven zich op
als lid. Dat was nipt, want de KNVB verlangde in die dagen minstens 35 officiële
leden om een vereniging te accepteren.
Het
veld
11 Februari 1979. Een gruwelijke dag in de geschiedenis van Berkenwoude. Er was
een steen door de ruit van de voormalige lokale politicus W. Egge gevlogen. Het
gerucht ging dat de aanslag was beraamd door een groep die zich PAF noemde en
die de pleitbezorgers van een voetbalveld voor FC Perkouw waren. Het raadslid
was immers tegen de aanleg van een sportterrein in de gemeente Berkenwoude. De
verdachten ontkennen tot op de dag van vandaag in alle toonaarden....
Voordat het sportcomplex Over de Wetering in gebruik werd genomen, werden alle
wedstrijden op vreemde bodem gespeeld. Het kostte namelijk zoveel moeite om aan
mensen uitteleggen dat bij een voetbalclub een voetbalveld hoort, dat de
initiatiefnemers van de club beseften dat het best nog wel even kon gaan duren
voordat het stadion in Berkenwoude open kon. Daarom vroegen ze voorlopig belet
in Lekkerkerk, waar de plaatselijke voetbalclub juist een oud veld aan de
Wilhelminastraat had ingeruild voor een nieuwe accommodatie. Alles was daar oud,
maar wel gezellig. Soms moest er zelfs een vrachtwagen zand komen om het veld
bespeelbaar te maken. Na anderhalf jaar moest FC Perkouw weer weg, omdat de
duivenvereniging geheel volgens de afspraken met de gemeente het schamele
onderkomen opeiste. Zo kwam FC Perkouw bij vv Stolwijk terecht, waar het 1e z'n
thuiswedstrijden mocht spelen. De overige ploegen speelden elke week uit.
Toen Dirk
Both met 'Berkenwoude '82' in de raad werd gekozen, ging hij met wethouder
Wichert Molenaar en burgemeester Bakker naar Den Haag om voor een voetbalveld te
pleiten. Daar kreeg de burgemeester uiteindelijk de opdracht mee dat het college
positief aan de aanleg van een sportveld moest werken. Op donderdag 8 november
1984 hing er bij de familie Butter aan de Kerkweg in Berkenwoude een vlag uit
met daaraan een bal. FC Perkouw kreeg, 12 jaar na zijn oprichting, eindelijk
groen licht voor de aanleg van een sportveld.
De Bouw
Toen FC Perkouw z'n veld eindelijk had, dreef de vereniging z'n zin door. Een
vereniging zonder voetbalveld kan niet, maar een voetbalveld zonder kantine en
kleedkamers kan ook niet. Het benodigde kapitaal van ruim 3 ton, kwam voor een
belangrijk deel uit renteloze leningen. De Nederlandse Sport Federatie leverde
een bijdrage. Verder is het geld bij elkaar gebracht op een Perkouwse manier:
met acties.
Dirk Both en Wichtert Molenaar vormden het actiecomité financiën. Voor ruim 3100
gulden zijn bouwsteentjes verkocht. De maquette, waarin iedereen een aandeel kon
kopen, stond in de toenmalige etage van Piet Toes opgesteld.
Alles werd uit de kast gehaald om het geld voor die kantint bij elkaar te halen.
Het zou een piepklein pandje worden, waarvoor Dirk Both op 10 september 1985 de
eerste paal had geslagen. Eerst had de gemeente
slechts toestemming gegeven om 2% van de locatie te bebouwen, tijdens de bouw
werd dat pas uitgebreid. Door hulp van een aantal bevriende bedrijven en veel
vrijwillige handen kon precies een jaar later het pronkstuk worden geopend. Het
was een hele klus geweest. Elke avond en elke zaterdag waren vrijwilligers
bezig, onder andere Piet Verwaal: "Mankracht was meestal makkelijker te regelen
dan materiaal. Er werd niet gemauwd, maar gewerkt. Maar de sfeer was ook heel
leuk. Het is uiteindelijk een mooi spulletje geworden. Maar ik weet ook dat Arie
Casteleijn zei toen de klus eenmaal af was: dit was eens, maar nooit weer."
|
|